Apple Silicon begon niet met de M1

21 september 2026
Update

Apple was in 1990 medeoprichter van ARM Ltd, samen met Acorn Computers en VLSI Technology. Acorn had de ARM-architectuur ontwikkeld. VLSI kon de chips produceren. Apple had een efficiënte processor nodig voor de Newton.

De eerste jaren draaiden Newtons op de ARM610. Dat was een belangrijke stap, maar de vooruitgang aan de processorzijde was beperkt. Newton OS werd beter, de hardware werd beter, maar het platform had duidelijk meer snelheid nodig.

De echte doorbraak kwam met StrongARM.

De StrongARM van DEC was niet simpelweg een snellere chip die Apple kant-en-klaar kocht. Het Newton-team van Apple werkte achttien maanden lang nauw samen met ARM en DEC aan de ontwikkeling van de processor.

DEC bracht expertise mee van zijn Alpha-processors: snelle RISC-chips uit de wereld van werkstations en servers. Apple bracht jarenlange ervaring met de Newton mee en wist precies waar de ARM610 tekortschoot: er was veel meer snelheid nodig zonder het lage stroomverbruik van ARM te verliezen.

Dankzij StrongARM benaderden de Newton MessagePad 2000 en 2100 opeens de rekenkracht van de PowerBooks van Apple uit die tijd — maar dan in een handheld die werkte op AA-batterijen.

Nadat Steve Jobs in 1998 de productie van de Newton had stopgezet, werd die processorreeks buiten Apple voortgezet. Via Intel vond StrongARM zijn weg naar apparaten zoals de Compaq iPAQ, een Windows-PDA die rond het jaar 2000 uitgroeide tot een van de belangrijkste Pocket PC’s.

Dat maakt het verhaal zo opmerkelijk.

Apple hielp ARM op te richten voor de Newton. Apple hielp later ook de behoefte aan StrongARM vorm te geven. De Newton was geen commercieel succes, maar het processortraject dat daaruit voortkwam, vond zijn weg naar pda's, smartphones, iPhone, iPad, Mac en uiteindelijk Apple Silicon.

Misschien vind je dit ook leuk

Ontdek artikelen die verband houden met het artikel dat u zojuist hebt gelezen.

Naar boven
Link gekopieerd
Kopiëren is mislukt